31 30 2084100
Bellen

Beperking aantal commissariaten

22 april 2013 - mr. Jos van Bavel VERDER - NON-PROFIT

De Wet bestuur en toezicht en de benodigde ‘Reparatiewet’

De Wet bestuur en toezicht en de benodigde ‘Reparatiewet’ daarbij, zijn op 1 januari 2013 in werking getreden. De Wet bestuur en toezicht stelt een maximum aan het aantal functies dat bestuurders en toezichthouders (commissarissen) van een ‘grote’ nv, bv of stichting kunnen bekleden. Daarnaast stelt de nieuwe wet eisen aan een evenwichtige verdeling tussen vrouwen en mannen in het bestuur en de Raad van Commissarissen/Raad van Toezicht en is er een nieuwe regeling met betrekking tot ‘tegenstrijdig belang’ en de wettelijke basis voor een taakverdeling tussen bestuurders (nodig voor de ‘one-tier board’).

Wij belichten hierna enkel het maximum aan het aantal functies dat bestuurders en toezichthouders mogen bekleden en leggen graag het verband tussen de fiscaliteit en de mate waarin deze nieuwe regelgeving in die relatie van belang kan zijn voor organisaties. Over de civiel-juridische aandachtspunten bij deze nieuwe wetgeving adviseren wij u advies in te winnen bij een notaris of jurist met kennis van het ondernemingsrecht.

Met de regeling beoogt de wetgever te voorkomen dat een bestuurder of toezichthouder niet voldoende aandacht aan zijn taken kan besteden. Beoogd is de kwaliteit van bestuur en toezicht te waarborgen en belangenverstrengeling te voorkomen. Toch kan ook (zijdelings) de fiscale positie van een organisatie door de wetswijziging worden beïnvloed.

Voor wie bedoeld?

De regelgeving raakt de nv/bv/stichting die kwalificeert als ‘groot’ in de zin van het jaarrekeningenrecht. Groot is derhalve de rechtspersoon die op twee opeenvolgende balansdata voldoet aan twee van de volgende drie grenzen (artikel 397 lid 1, Boek 2 Burgerlijk Wetboek):

  • • waarde activa: meer dan € 17,5 miljoen;
  • • netto-omzet: meer dan € 35 miljoen;
  • • gemiddeld aantal werknemers: 250 of meer.

Voor veel kleine nv’s, bv’s en stichtingen hebben de nieuwe regels dus geen direct gevolg

Gevolg van de regelgeving is dat bijgehouden zal moeten worden (door de nv/bv/stichting, maar ook door de commissaris) hoeveel functies een persoon vervult, in het bijzonder bij nieuwe benoemingen, herbenoemingen en groei van organisaties met als gevolg dat ze kwalificeren als ‘groot’. De organisaties, de bestuurders en de toezichthouders zullen zich in voorkomende situaties moeten beraden op de mogelijke gevolgen en alternatieven. Zo is het raadzaam om te onderzoeken of er binnen een Raad van Commissarissen, Raad van Toezicht of ‘one-tier board’ leden of niet uitvoerend bestuurders zijn die per 1 januari 2013 het wettelijk toegestane aantal toezichthouderschappen overschrijden.

Werking in het kort

Voor commissarissen, toezichthouders en niet uitvoerend bestuurders geldt onder de nieuwe regeling een maximum aantal van vijf functies bij ‘grote rechtspersonen’ als commissaris of toezichthouder of om als niet-uitvoerend bestuurder deel uit te van een one-tier board. Het voorzitterschap van een Raad van Commissarissen, Raad van Toezicht of van een ‘one-tier board’ telt hierbij dubbel.

Voor bestuurders geldt een maximum van twee functies als commissaris of toezichthouder bij andere grote rechtspersonen buiten de groep. Of wanneer hij voorzitter is van een Raad van Commissarissen, Raad van Toezicht of van een ‘one-tier board’: maximaal één commissariaat bij een andere grote rechtspersoon buiten de groep.

Uitzonderingen

Een uitzondering geldt voor ‘niet-grote’ stichtingen en stichtingen met een primaire culturele, kerkelijke of charitatieve doelstelling. Bij de vaststelling van het maximum aantal commissariaten blijven de volgende functies buiten beschouwing:

  • commissariaten bij ‘niet-grote’ nv’s en bv’s en ‘niet-grote’ stichtingen
  • commissariaten bij groepsmaatschappijen van de grote NV/BV/stichting
  • aanstellingen tot adviseur of ambassadeur van een grote NV/BV/stichting
  • tijdelijke benoeming als bestuurder of commissaris door de Ondernemingskamer

De beperking van commissariaten bij stichtingen geldt alleen voor stichtingen die verplicht onder het jaarrekeningenrecht vallen. Kort gezegd stichtingen dus met een onderneming en stichtingen die op grond van bijzondere wetgeving verplicht zijn om het jaarrekeningenrecht toe te passen, zoals ziekenhuizen en woningbouwcorporaties. Dit betekent dat toezichthoudende functies bij woningcorporaties en ziekenhuizen die de rechtsvorm stichting hebben, meetellen voor het wettelijk toegestane aantal commissariaten. Een toezichthoudende functie bij bijvoorbeeld een woningbouwvereniging telt dan weer niet mee.

Sanctie

Een benoeming in strijd met de nieuwe regeling is nietig. Het is niet relevant of dit ten tijde van de benoeming bij de vennootschap of stichting bekend was. De nietigheid van het benoemingsbesluit betekent dat het rechtskracht mist vanaf het moment dat het besluit genomen is en leidt er toe dat de benoeming van de betrokkene hierdoor ongeldig wordt. Vanwege de grote (potentiële) impact op de besluitvorming van de grote nv/bv/stichting, zijn de gevolgen van de nietigheid wel ingeperkt: deelname aan de besluitvorming door een persoon met teveel toezichthoudende functies heeft geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid van de besluitvorming waarbij hij betrokken was.

Overgang

De nieuwe regeling is enkel van toepassing ná de invoering van de wetgeving en heeft daarmee geen gevolgen voor de benoemingen van voor die datum. Herbenoemingen (ook die met ingang van 1 januari 2013) kunnen natuurlijk wel door de nieuwe wetgeving worden geraakt.

Fiscale belang

De fiscale behandeling van de beloning die een commissaris, toezichthouder of niet uitvoerend bestuurder geniet, is van direct belang voor de btw-heffing en de loonheffingen. Indirect is hiermee een belang gemoeid voor de ANBI-status van een instelling (stichting) of een daarop gebaseerde vrijstelling overdrachtsbelasting bij een juridische fusie waarbij onroerende zaken worden verkregen.

Daarnaast is het voor stichtingen van fiscaal belang te weten wanneer zij een onderneming drijven en wanneer zij kwalificeren als ‘grote’ rechtspersoon op grond van het jaarrekeningenrecht (of daarmee eventueel gelijkgesteld worden). Er is een belang voor de fiscale positie van zo’n stichting en in potentie ook voor de aansprakelijkheid voor belastingschulden die haar bestuurders kunnen treffen. Wanneer tot slot tot nietigheid van de benoeming van een betrokkene moet worden geconstateerd, komen fiscale vragen op rond de beloning die eerder werd uitbetaald.

Onze dienstverlening

Graag informeren wij u over deze fiscale belangen in de relatie tussen een organisatie en haar toezichthouders. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jos van Bavel

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jos verantwoordelijk voor fiscale advisering. Jos is een fiscaal specialist met focus op grote en middelgrote Non-Profit organisaties en overheden.

Lees meer over Jos van Bavel >

Recente publicaties

Alle publicaties

Best gelezen