31 30 2084100
Bellen

Fiscale behandeling van subsidie

5 september 2012 - mr. Jos van Bavel VERDER - NON-PROFIT

Voor veel instellingen of organisaties, is het van belang om te weten hoe de Belastingdienst  ontvangen van subsidie beschouwt. Instellings- of exploitatiesubsidies moeten soms tot het resultaat van de onderneming worden gerekend en worden zodoende in de heffing van vennootschapsbelasting betrokken. Onder bepaalde voorwaarden echter blijft een subsidie buiten het exploitatieresultaat en de onderneming van een organisatie. Subsidies kunnen daarnaast ook betrokken worden in de heffing van omzetbelasting of schenkbelasting.

Vennootschapsbelasting

Voor de vennootschapsbelasting vormt een eerste voorwaarde om een subsidie buiten de heffingsgrondslag te houden, dat een instelling de rechtsvorm van stichting of vereniging heeft. Bij besloten vennootschappen en coöperatieve verenigingen bijvoorbeeld, behoort het geheel van het vermogen tot dat van een onderneming. Alle baten die opkomen binnen die onderneming – dus ook subsidies – worden dan betrokken in de heffing van vennootschapsbelasting. Als er sprake is van een onderneming, is het wel denkbaar dat een subjectieve vrijstelling kan worden ingeroepen, zoals de zorgvrijstelling of een algemene vrijstelling voor verenigingen of stichtingen.

Wanneer een stichting of vereniging subsidies ontvangt, is het de vraag of zo’n rechtspersoon onderworpen raakt aan de heffing van vennootschapsbelasting. Vereist daarvoor is dat de stichting of vereniging een onderneming drijft. Om tot de aanwezigheid van een onderneming te kunnen concluderen, moet geobjectiveerd vast komen te staan dat er een winstverwachting bestaat met de activiteiten die worden ontplooid. Bij het regelmatig behalen van exploitatieoverschotten of ‘winst’, kan fiscaal snel geconcludeerd worden dat een geobjectiveerde winstverwachting bestaat en dat een onderneming aanwezig is. Door de wijziging in subsidieregels (meer budgetsubsidies en minder exploitatiesubsidies) behalen veel gesubsidieerde organisaties overschotten. Elders op onze website treft u meer informatie over de aanwezigheid van een onderneming binnen een stichting of vereniging.

In een beleidsbesluit heeft de staatssecretaris van Financiën aangegeven dan van een winststreven bij gesubsidieerde instellingen geen sprake is voorzover zij volgens hun statuten of subsidieregels de behaalde overschotten moeten aanwenden overeenkomstig de subsidiedoeleinden of terug moeten betalen aan de subsidieverstrekker.

Het begrip subsidie in dit kader volgt de definitie van de Algemene wet bestuursrecht: de aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten.

Naast het feit dat de gevormde overschotten niet vrij besteedbaar zijn, wordt er geen voordeel beoogd en verwacht. Van het ontbreken van een winststreven kan volgens de staatssecretaris ook sprake zijn als de instelling haar inkomsten met betrekking tot gesubsidieerde activiteiten hoofdzakelijk (voor 70% of meer) verkrijgt uit subsidies en daarnaast slechts ‘eigen bijdragen’ ontvangt van degenen voor wie de instelling prestaties verricht. Uiteraard moet de instelling dan ook feitelijk conform deze statuten of subsidieregels handelen.

Voor enkele culturele instellingen geldt dat zij op grond van bovenstaande tot 2012 het standpunt innamen dat geen winststreven aanwezig was en daarmee geen onderneming en geen vennootschapsbelastingplicht. Hoe dit beleid van de staatssecretaris zich inmiddels verhoudt tot de mogelijkheid van culturele instellingen om sinds 2012 te kiezen voor integraal ondernemerschap en integrale vennootschapsbelastingplicht is nog de vraag.

Woningcorporaties die als toegelaten instelling zijn aangemerkt, kunnen ook de rechtsvorm van stichting of vereniging hebben. Dergelijke woningcorporaties worden geacht een onderneming te drijven met hun gehele vermogen. Wanneer dergelijke instellingen (woningbouw)subsidies ontvangen, dan blijven dergelijke subsidies buiten aanmerking bij het bepalen van de fiscale winst.

Omzetbelasting

Voor de btw-heffing is mede van belang of tegenover de subsidies van overheid, fondsen of instellingen directe prestaties te onderkennen zijn. Meestal is het niet eenduidig vast te stellen wat de relatie is tussen de geleverde prestatie en de middelen die daar tegenover staan. De vraag moet worden beantwoord of er sprake is van een verkrijging onder bezwarende titel. Dat zal veelal afhangen van de voorwaarden die aan het verstrekken van subsidiebijdragen worden gesteld.

Vaak wordt subsidie ter beschikking gesteld om een algemeen erkend belang te ondersteunen of te realiseren, waarvan niet direct een individueel gebruik van goederen en/of diensten het gevolg is. Als leidraad geldt dat van een niet-btw-belastbare subsidie sprake is als de handelingen waarvoor de financiële bijdrage wordt gegeven eigen activiteiten van de begunstigde zijn. Activiteiten kortom die de begunstigde niet verricht omdat hij zich jegens de subsidiegever bij overeenkomst heeft verbonden. Het enkel voldoen door de begunstigde aan de door de subsidieverlener gestelde voorwaarden met betrekking tot de gesubsidieerde handelingen heeft dan tot gevolg dat er geen btw-prestaties jegens de subsidiegever zijn.

Grofweg moet er voor de btw-regelgeving – om tot belastbaarheid te kunnen constateren – een rechtstreeks verband zijn tussen de subsidie en de verrichte handeling en/of de prijs daarvan. Vaak maken we onderscheid tussen de volgende soorten subsidies: prijssubsidies, exploitatiesubsidies of verbruiksubsidies.

Prijssubsidies
Van een prijssubsidie is sprake als een subsidie specifiek wordt verstrekt in de vorm van een vergoeding om een bepaald goed te leveren of een bepaalde dienst te verrichten. Vaak een subsidie dus om de prijs te verlagen (bijvoorbeeld zonnepanelen of museumbezoek). Daarnaast bestaat vaak een verband tussen de prijsvermindering en de hoogte van de subsidie. De subsidie is dan onderdeel van de prijs en deze is met btw belast.

Exploitatiesubsidies
Echte exploitatiesubsidies (ook wel ‘budgetsubsidies’) zijn subsidies die dienen om de exploitatie van bepaalde activiteiten financieel sluitend te krijgen. Op deze wijze worden doorgaans dus (exploitatie)tekorten van bepaalde activiteiten gedekt. Er wordt niet overeengekomen dat als tegenprestatie bepaalde specifieke prestaties moet worden geleverd. Wel kan een aanwijzing of voorwaarde opgenomen zijn, waaruit blijkt hoe de subsidie moet worden aangewend. Het gegeven dat de subsidiegever toezicht houdt op de wijze waarop de subsidie wordt besteed en daar eventueel ook voorwaarden aan verbindt, is op zichzelf niet voldoende om een prestatie tegen vergoeding aan te nemen. In tegenstelling tot een prijssubsidie staat de hoogte van de subsidie ook vaak vooraf vast, ongeacht de te verrichten prestaties. In het algemeen wordt aangenomen dat dergelijke subsidies niet de vergoeding voor een prestatie vormen en belast zjin met btw.

Verbruiksubsidies
Hiervan is sprake als feitelijk wordt betaald voor dienstverlening. Overeenkomstig de prestatie zijn deze subsidies belastbaar met btw. Denk bijvoorbeeld aan een subsidie door de overheid voor onderzoek naar de resultaten van haar beleid of het aangaan van de verplichting tot het onderhouden van bijvoorbeeld een sportpark.

Wij merken op dat het in de btw-heffing betrokken worden van subsidies voor de ontvanger van die subsidie niet altijd negatief hoeft te zijn. Eventueel nadeel zal namelijk afhangen van de btw-positie van die instelling of onderneming. Mogelijk bestaat – afhankelijk ook van de prestatie – recht op aftrek van voorbelasting, zodat de btw-heffing niet drukt bij de ontvanger.

Schenkbelasting

Wanneer een subsidie niet wordt verstrekt als (bijvoorbeeld) verbruiksubsidie en er geen directe prestatie tegenover de verstrekking staat, dan kan sprake zijn van een gift. Zo’n gift kan betrokken worden in de heffing van schenkbelasting naar een tarief van wel 30% tot 40%. Overigens bestaan er veelal mogelijkheden om giften vrijgesteld van schenkbelasting te laten plaatsvinden, wij noemen hier in ieder geval de fiscale status van ANBI of SBBI bij de ontvanger.

Conclusie

Graag adviseren wij u over de belastingheffing bij subsidies. Om subsidies maximaal te laten renderen en te besteden aan het doel waarvoor ze worden verstrekt, is het zaak te weten hoe subsidies in de diverse fiscale heffingen worden betrokken.

Onze dienstverlening

Vraagstukken over de aanwezigheid van een winststreven, de grenzen aan de onderneming binnen uw instelling en de mogelijkheden om subsidies maximaal in te zetten, rekent VERDER tot haar expertise. Graag gaan we met u een gesprek aan over de belastingheffing over de subsidies die uw organisatie ontvangt. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jos van Bavel

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jos verantwoordelijk voor fiscale advisering. Jos is een fiscaal specialist met focus op grote en middelgrote Non-Profit organisaties en overheden.

Lees meer over Jos van Bavel >

Recente publicaties

Alle publicaties

Best gelezen