31 30 2084100
Bellen

Herziening belastingheffing in box 3 met ingang van 2017

15 februari 2017 - Jan-Marc van Beusekom VERDER - ICT-MARKETING

Box 3 vanaf 2017

Vanaf 1 januari 2017 is de heffing van inkomstenbelasting in Box 3 progressief. Dit betekent dat er net als in Box 1 gebruik wordt gemaakt van belastingschijven. De werkelijke vermogenswinst blijft buiten beschouwing, er wordt nog steeds gebruik gemaakt van een fictief rendement op uw vermogen. Echter, hoe groter uw vermogen hoe hoger het fictieve rendement en hoe meer belastingafdracht. Ten opzichte van de wetgeving in 2016 en eerder jaren, worden kleinere vermogens minder belast. Grotere vermogens gaan juist meer betalen. De idee van de wetgever daarbij is dat mensen met een groter vermogen een hoger rendement moeten kunnen realiseren. Met andere woorden: de kleine spaarder wordt ontzien en de meer vermogende wordt geacht te beleggen.

Op de keuze van de wetgever voor handhaving van een heffingssysteem met fictief rendement is het nodige af te dingen. Over de heffing naar een fictief rendement in Box 3 in de voorliggende belastingjaren wordt ook nog geprocedeerd. Het is dus afwachten hoe de fiscale rechter over ieder van deze belastingjaren (in hoogste instantie) gaat oordelen. Juist ook in relatie tot de veronderstelling dat grotere vermogens een hoger fictief rendement rechtvaardigen. Van gelijkblijvende risico’s is bij een hoger rendement immers veelal geen sprake… Bij het invullen van de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2017 gelden in ieder geval nieuwe regels.

Hoger heffingsvrij vermogen

Het heffingsvrije vermogen in Box 3 bedraagt per 1 januari 2017 per belastingplichtige € 25.000. Over alle vermogens die lager uitvallen dan dit bedrag is daarmee in 2017 geen Box 3-heffing verschuldigd. Voor fiscaal partners geldt hiermee per 1 januari 2017 voor ieder een heffingsvrij vermogen van € 25.000 ofwel € 50.000 gezamenlijk.

Introductie progressieve heffing in Box 3

Bij een Box 3-vermogen groter dan € 25.000 maar kleiner dan € 100.000 op 1 januari 2017 wordt de heffingsgrondslag bepaald naar een gemiddeld forfaitair rendement van 2,87% (in plaats van het fictieve rendement van 4% dat in voorgaande jaren gold). Van de € 75.000 in deze eerste schijf wordt over 67% een rendement verondersteld van 1,63% en 5,39% over het meerdere (dus 2,87% gemiddeld).

In de tweede schijf wordt Box 3-vermogen op 1 januari 2017 belast naar een gemiddeld fictief rendement verondersteld van 4,6%. Deze tweede schijf geldt voor vermogens groter dan € 100.000 maar kleiner dan € 1.000.000. Over de lengte van maximaal € 900.000 in deze schijf veronderstelt de wetgever een rendement van 1,63% over 21% van het vermogen en 5,39% over 79% van het vermogen. Box 3-vermogens boven de € 1.000.000 hebben een fictief rendement van 5,39%. Het belastingtarief over de fictief veronderstelde rendementen in de schijven 1 tot en met 3 blijft onveranderd 30%.

 

Tabel

2017 Van uw (deel van de grondslag in Box 3   wordt toegerekend aan rendementsgrondslag I (tarief 1,63%) wordt toegerekend aan rendementsgrondslag II (tarief 5,39%) Waarmee het forfaitair rendement bedraagt:    
Schijf van tot       tarief effectief
Heffingsvrij vermogen €0 €25.000
1 €25.000 €100.000 67% 33% 2,8708% 30% 0,8612%
2 €100.000 €1.000.000 21% 79% 4,6004% 30% 1,3801%
3 €1.000.000 meerdere 0% 100% 5,3900% 30% 1,6170%
2016              
Heffingsvrij vermogen €0 €24.437
Heffing over €24.437 meerdere 4% 30% 1,20%

Fiscaal partners

Voor fiscaal partners brengt het nieuwe heffingssysteem in Box 3 geen bijzondere fiscale gevolgen met zich mee. De mogelijkheid blijft dus bestaan om zelf te bepalen hoe de gezamenlijke heffingsgrondslag in Box 3 wordt verdeeld tussen de partners. De introductie van schijven in Box 3 en een effectief hogere belastingdruk bij het overschrijden van de schijfgrenzen, brengt daarbij wel kans op extra belastingdruk. Bij het verdelen van de heffingsgrondslag tussen fiscaal partners is dat dus een aspect om mee te wegen.

Conclusie

Vanwege de introductie van vermogensschijven en progressief veronderstelde fictieve rendementen bij hogere vermogens, betaalt een belastingplichtige met veel Box 3-vermogen met ingang van 2017 meer inkomstenbelasting. Uiteraard zijn er fiscaal mogelijkheden om ongewenste heffing in Box 3 te voorkomen. Wij adviseren onze cliënten hier met regelmaat over. Om ongewenste heffingsgevolgen op 1 januari van enig jaar voor te zijn, is het daarbij zaak tijdig actie te ondernemen.

Onze dienstverlening

VERDER heeft veel expertise op het gebied van het voorkomen van ongewenste Box 3-heffing. Over de voor- en nadelen van alternatieve structuren om uw vermogen te laten renderen, gaan wij graag het gesprek met u aan. Voorop staat daarbij altijd het bewaken van risico’s en uw netto rendement. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jan-Marc van Beusekom

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jan-Marc verantwoordelijk voor fiscale advisering. Zijn expertise ligt met name bij de vennootschapsbelasting, maar ook bij de inkomstenbelasting daar waar het de directeur-grootaandeelhouder en de vermogende particulier aangaat. Van oudsher heeft Jan-Marc veel ICT & Marketing bedrijven als klant.

Lees meer over Jan-Marc van Beusekom >