31 30 2084100
Bellen

Keuze vennootschapsbelastingplicht

3 juni 2013 - mr. Jos van Bavel VERDER NON-PROFIT

Zonder juiste keuze op korte termijn door ondernemende stichtingen of verenigingen, dreigen zij met de heffing van vennootschapsbelasting te worden geconfronteerd.

Achtergrond

In 2012 is de fiscale wetgeving voor stichtingen en verenigingen gewijzigd. Ondernemende stichtingen en verenigingen die in de periode tot en met 2011 vennootschapsbelastingplichtig waren, worden hierdoor vanaf 1 januari 2012 vrijgesteld op basis van de algemene subjectieve vrijstelling. Dit betreft overigens vaak de kleinere stichtingen en verenigingen, die jaarlijks (althans in 2012) een fiscale winst behalen die van bijkomstige betekenis blijft (maximaal € 15.000).

Dat is dan mooi geregeld, horen wij u denken. Wat is het probleem? Welnu, deze worden duidelijk in twee – niet denkbeeldige – situaties:

a) Uw stichting of vereniging was in de periode tot en met 2011 vennootschapsbelastingplichtig.

Bij een einde aan deze belastingplicht, moet de stichting of vereniging afrekenen over alle aanwezige stille reserves, fiscale reserves en eventuele goodwill binnen haar onderneming. Dat leidt dan tot een acute heffing en afdracht aan de Belastingdienst. Vooral in situaties waarin ondernemende stichtingen of verenigingen eigen vastgoed hebben, zal het einde aan de belastingplicht een voorheen latente (forse) fiscale claim aan het oppervlakte brengen. Het einde aan de belastingplicht leidt daarnaast tot meer gevolgen, bijvoorbeeld op het vlak van de fiscale investeringsfaciliteiten.
De finale afrekening met de Belastingdienst in het jaar 2011 (het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de vennootschapsbelastingplicht stopt op grond van de nieuwe regelgeving) kan echter worden voorkomen.

b) De fiscale verliezen van uw stichting of vereniging verdampen.

In de periode van belastingplicht zijn in het verleden mogelijk verrekenbare verliezen vastgesteld bij beschikking. Deze komen in beginsel voor verrekening in aanmerking binnen een bepaalde termijn. Maar voorwaarde is ook dat uw stichting of vereniging belastingplichtig is en blijft. Is uw stichting of vereniging als gevolg van de nieuwe regelgeving per 1 januari 2012 niet langer vennootschapsbelastingplichtig, dan komen de oude verrekenbare verliezen te vervallen. Ze ‘verdampen’ dan en gaan althans fiscaal teniet. Mocht uw stichting of vereniging vervolgens in 2013 een fiscale winst behalen die niet langer van ‘bijkomstige betekenis’ blijft, dan ontstaat als vanzelf weer belastingplicht. De verliezen uit de periode tot en met 2011 zijn dan echter niet meer te verrekenen met de fiscale winst uit 2013! Ook dit negatieve gevolg kan worden voorkomen door vóór 1 juli 2013 een keuze te maken en tijdig een verzoek bij de Belastingdienst in te dienen. Meer informatie over het opteren voor belastingplicht in verliesjaren treft u hier.

In veel gevallen zal het al dan niet opteren voor belastingplicht een kwestie van rekenen zijn. Wegen de kosten van de jaarlijkse aangifte op tegen het voordeel van de verliesverrekening en het eventuele uitstel op het afrekenen over de aanwezige goodwill en stille reserves?

Culturele instellingen

Voor stichtingen of verenigingen die fiscaal ook nog als ‘culturele instelling‘ kwalificeren, geldt het bovenstaande ook. Maar zij kregen van de wetgever in 2012 nog een nieuwe keuze aangereikt: de keuze voor integraal ondernemerschap. Een belangrijk voordeel van ‘integraal ondernemerschap’ is dat een culturele instelling hierdoor winsten uit haar ondernemingsactiviteiten (zoals de museumwinkel), kan verrekenen met de exploitatietekorten uit het niet-ondernemingsgedeelte van haar activiteiten (zoals het museum). Zonder deze nieuwe optie, zou die verrekening fiscaal niet kunnen plaatsvinden. De keuze kent echter ook enkele potentiële nadelen.

De keuze al dan niet te opteren voor integraal ondernemerschap is ook hier weer een kwestie van rekenen. Leidt integraal ondernemerschap bijvoorbeeld tot gevolg dat ook de huisvesting van een museum of theater binnen de onderneming komt? In combinatie met de keuze voor vennootschapsbelastingplicht, leidt de keuze er dan toe dat de afschrijving op dit vastgoed wordt beheerst door de fiscale regelgeving. Resultaten die voortvloeien uit de exploitatie van het vastgoed (investeringen, verkoop op termijn etc.), worden dan ook in de heffing betrokken.

Vóór 1 juli 2013: keuze belastingplicht

Alle ondernemende stichtingen en verenigingen die in 2011 vennootschapsbelastingplichtig waren, zullen moeten beoordelen of ze zonder nadere actie wellicht op grond van de wet – met ingang van 2012 – voortaan vrijgesteld raken. Als die uitkomst niet bevalt en/of te veel directe belastingheffing gaat kosten, dan moet u op korte termijn een verzoek (laten) indienen bij de Belastingdienst. Uw stichting of vereniging kan namelijk voor het jaar 2012 op verzoek vrijwillig als belastingplichtig worden aangemerkt, mits dit verzoek dan maar binnen zes maanden na afloop van het jaar waarop het verzoek betrekking heeft bij de Belastindienst is ingediend. U heeft dus effectief tot 1 juli 2013 de tijd.
Omdat uw keuze niet bij de aangifte gedaan kan worden (uw stichting of vereniging is immers van rechtswege vrijgesteld), bestaat er op voorhand ook geen mogelijkheid uitstel te krijgen voor deze  termijn. Een verzoek zal nog in de maand juni 2013 bij afzonderlijke brief moeten worden ingediend bij de Belastingdienst. Belangrijk daarbij is tot slot op te merken dat u de keuze voor een termijn van minimaal vijf jaar maakt. Pas daarna kunt u er weer voor kiezen om de vennootschapsbelastingplicht te laten eindigen (mits de fiscale winst dan maar weer voldoende klein is).

Cultuur: vóór 1 juli 2013 keuze integraal ondernemerschap

Culturele stichtingen en verenigingen, zullen op korte termijn ook hun keuze voor integraal ondernemerschap moeten maken. Ook deze keuze moet namelijk uiterlijk binnen zes maanden na afloop van het jaar worden gemaakt. En de keuze voor integraal ondernemerschap binnen de culturele instelling geldt voor een periode van minimaal tien (!) jaren.

Keuze geen gevolgen voor andere belastingmiddelen

Het is goed om te weten dat uw keuze voor integrale belastingplicht en/of integraal ondernemerschap bij uw stichting of vereniging, in beginsel geen gevolgen heeft voor andere belastingmiddelen. Zo blijft bijvoorbeeld uw eventuele status als fiscaal erkende ANBI (algemeen nut beogende instelling) ongewijzigd. Ook de toepassing van btw-vrijstellingen op de prestaties van uw stichting of vereniging wordt niet door de keuze beïnvloed.
Wel kan het al dan niet vennootschapsbelastingplichtig zijn van uw stichting of vereniging impact hebben op de aansprakelijkheid van haar bestuursleden. Over de bestuurdersaansprakelijkheid voor belastingschulden leest u hier meer.

Op de administratieplicht van uw stichting of vereniging, heeft uw keuze geen invloed. Dit geldt tot slot ook voor de toekomstige verplichting van stichtingen om hun ‘jaarrekening’ te publiceren. Over deze nieuwe wetgeving leest u hier meer.

Jaarrekening 2012

Ronduit complicerend is het wanneer uw stichting of vereniging haar jaarrekening over het jaar 2012 nog niet heeft vastgesteld en/of haar fiscale resultaat nog niet inzichtelijk is. Het belang van een juiste keuze aangaande de belastingplicht is er mee gediend dit inzicht wel te hebben of snel te krijgen. Wordt een fiscaal verlies over 2012 pas na 1 juli 2013 duidelijk, maar heeft u uw keuze voor vrijwillige belastingplicht niet voor die datum aan de Belastingdienst voorgelegd? Dan verdampen de fiscale verliezen helaas.

Hoe kunnen wij helpen?

Bij het maken van de juiste ficale keuzes door uw stichting of vereniging, kunnen wij van dienst zijn. Wij hebben veel expertise en ervaring op dit vlak. Met een goed advies voorkomt u fiscale verrassingen. Over de fiscale mogelijkheden in uw situatie gaan wij graag een gesprek aan. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jos van Bavel

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jos verantwoordelijk voor fiscale advisering. Jos is een fiscaal specialist met focus op grote en middelgrote Non-Profit organisaties en overheden.

Lees meer over Jos van Bavel >