31 30 2084100
Bellen

Ondernemerschap van een vereniging

12 december 2012 - mr. Jos van Bavel VERDER - NON-PROFIT

Een vereniging kan een onderneming drijven, zoals ook veel andere (Nederlandse) rechtspersonen dat kunnen. In de praktijk heeft de onderneming van een vereniging doorgaans slechts een financieringsfunctie voor de overige door de vereniging ontplooide activiteiten. De vereniging als geheel maakt dan dus geen feitelijke winst, maar toch kan belastingheffing over de met de onderneming behaalde winst aan de orde zijn. Vaak drijft een vereniging echter helemaal geen onderneming. Ze neemt bijvoorbeeld niet deel aan het economisch verkeer of is enkel intern gericht. Het vermogen van een vereniging mag niet worden uitgekeerd aan de leden van die vereniging. Het moet worden aangewend ten behoeve van de doelstelling van de vereniging.

In tegenstelling tot een besloten vennootschap, drijft een vereniging in fiscale zin niet per definitie met haar gehele vermogen een onderneming. Slechts voor zover een vereniging méér doet dan ‘normaal vermogensbeheer’, kan sprake zijn van het drijven van een onderneming. Bovendien moet een vereniging daarbij ook deelnemen aan het economisch verkeer. Enkel intern opereren is niet voldoende. Ook het onderscheid tussen een ondernemingssfeer en een niet-ondernemingssfeer binnen één vereniging is fiscaal relevant. Komt een bate bijvoorbeeld op in de ondernemingssfeer, dan is deze wellicht belast met vennootschapsbelasting. En hoe moeten onttrekkingen of stortingen tussen de beide sferen fiscaal worden bezien? Welke gevolgen heeft dit voor de heffing van schenk- of omzetbelasting? In welke mate is het relevant dat een vereniging in (potentiële) concurrentie treedt met derden? Welke criteria gelden er om een onderneming in fiscale zin te onderkennen in een vereniging? De grens tussen het ‘normaal’ beheren van vermogen en het uitoefenen van een onderneming door middel van het bedrijfsmatig exploiteren van zaken die samen een vermogen vormen, is vaak niet scherp te trekken.

Bij de beantwoording van de vraag of het drijven van een onderneming fiscaal moet worden aangenomen, komt belang toe aan de volgende criteria: de hoeveelheid arbeid, de aanwezige organisatie, de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen, het vermogensrisico dat wordt gelopen en het rendement dat wordt behaald c.q. waarnaar wordt gestreefd. De jurisprudentie geeft het beeld dat bij de te hanteren toets aan de factoren arbeid en rendement het meeste belang toekomt. Veel verenigingen die maatschappelijke relevantie willen tonen, bijvoorbeeld op cultureel, sportief of sociaal terrein, zullen zich naar onze ervaring niet willen of kunnen beperken tot normaal vermogensbeheer. Mogelijk kan bij dergelijke verenigingen op grond van een goedkeurend besluit van de staatssecretaris van Financiën nog bepleit worden dat geen onderneming wordt gedreven (vergelijk bijvoorbeeld het beleid voor sportverenigingen op dit punt). Relevant is soms de mate waarin verkregen subsidies fiscaal tot het behaalde exploitatieresultaat van een vereniging moeten worden gerekend. Tot slot moet soms nog tot ‘het drijven van een onderneming’ in fiscale zin worden geconcludeerd, als een vereniging (potentieel) in concurrentie treedt met bepaalde andere inkomsten- of vennootschapsbelastingplichtige ondernemingen.

Naast het fiscale belang dat met het onderkennen van een onderneming gepaard kan gaan voor een vereniging, kan de aanwezigheid van een onderneming ook belangrijk zijn voor andere regelgeving. Zo moet een vereniging die een of meerdere ondernemingen drijft die in twee opeenvolgende boekjaren minimaal € 4,4 miljoen per jaar omzetten, verplicht een jaarrekening deponeren bij de Kamer van Koophandel op grond van de regels uit het Burgerlijk Wetboek. Wanneer dit niet wordt onderkend door een vereniging, ontstaat een risico in relatie tot de bestuurdersaansprakelijkheid. Wij merken op dat de aanwezigheid van een onderneming in een vereniging niet relevant is voor haar administratieplicht.

Onze dienstverlening

Graag informeren wij u over de afbakening van het ondernemersdeel van uw vereniging en de mogelijke fiscale gevolgen daarvan voor de belastingheffing. Ook zetten wij u graag uiteen hoe voorkomen kan worden dat de grenzen aan het ‘normale vermogensbeheer’ worden overschreden of wanneer van deelname aan het economisch verkeer sprake is. Vraagstukken over de grenzen van ‘normaal vermogensbeheer’ en het ondernemerschap van een vereniging, rekent VERDER tot haar expertise. Graag gaan we met u vrijblijvend een gesprek aan over de (fiscale) aandachtspunten van uw vereniging. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jos van Bavel

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jos verantwoordelijk voor fiscale advisering. Jos is een fiscaal specialist met focus op grote en middelgrote Non-Profit organisaties en overheden.

Lees meer over Jos van Bavel >

Recente publicaties

Alle publicaties

Best gelezen