31 30 2084100
Bellen

Wijziging belastingplicht brancheorganisatie

30 augustus 2012 - mr. Jos van Bavel VERDER - NON-PROFIT

Belastingplicht brancheorganisaties

Uw branchevereniging of stichting heeft diverse inkomsten: contributies, subsidies of bijvoorbeeld sponsorbijdragen. In de zoektocht naar inkomsten voor uw organisatie en de meerwaarde voor de leden, is het waarschijnlijk dat uw instelling een onderneming drijft. En dat heeft gevolgen voor de heffing van vennootschapsbelasting. Daarbij komt dat de fiscale wetgeving met ingang van 2012 is aangepast.

Situatie tot 2012

Tot en met 2011 was het zo dat een stichting of vereniging met een onderneming regulier onderworpen was aan de heffing van vennootschapsbelasting. Over het behaalde exploitatieresultaat was u dan regulier vennootschapsbelasting verschuldigd naar een tarief van meestal 20% (tariefopstapje 2011), maar soms ook 25%. Heel soms kon een subjectieve vrijstelling worden ingeroepen waardoor vennootschapsbelastingplicht voor een vereniging of stichting achterwege bleef, maar vaak niet en dan moest jaarlijks een aangifte worden verzorgd.

Nu was het u er uiteraard te doen om meerwaarde te behalen voor de leden en niet om daarover belasting te betalen. Maar dat gevolg nam u op de koop toe. Met het – soms zeer creatief – verantwoorden van kosten binnen de brancheorganisatie werd bovendien gezocht naar mogelijkheden om het fiscale resultaat te beperken. Uit de jaarlijkse aangifte volgde dan over het algemeen een kleine fiscale last. Dat is met ingang van 2012 voor veel brancheorganisaties veranderd.

Situatie met ingang van 2012

Sinds 1 januari 2012 kent de fiscale wetgeving een algemene subjectieve vrijstelling voor ‘kleine’ verenigingen en stichtingen. Ongeacht de doelstelling van deze organisaties. Dit heeft dus ook impact op veel brancheorganisaties. De nieuwe vrijstelling geldt voor vrijwel alle stichtingen of verenigingen waarbij de fiscale winst op jaarbasis minder bedraagt dan € 15.000. En dat zijn er nogal wat (zie hier voor meer informatie over de werking van de nieuwe subjectieve vrijstelling voor kleine verenigingen en stichtingen).

Het behalen van een fiscaal resultaat van minder dan € 15.000 in 2012 is voor veel brancheorganisaties heel reëel. Daardoor is uw organisatie dan met ingang van 2012 niet langer vennootschapsbelastingplichtig. Een prima plan zult u denken: dat scheelt weer in de jaarlijkse administratie en verplichtingen van aangifte en schattingen.

Op zich een juiste conclusie. Maar het gevolg is ook dat de belastingplicht van uw organisatie per einde boekjaar 2011 is geëindigd. Alle op dat moment in uw organisatie aanwezig stille en fiscale reserves komen daarmee in aanmerking om daarover af te rekenen met de Belastingdienst. Bij het einde van de belastingplicht eindigt immers ook de mogelijkheid voor de Belastingdienst om de fiscale claim op deze elementen in uw organisatie uit te oefenen. En het is naar onze ervaring maar zeer de vraag in welke mate brancheorganisaties hiermee bij het invullen en indienen van hun aangifte 2011 rekening houden.

Optionele belastingplicht

De fiscale wetgeving geeft stichtingen en verenigingen met een kleine onderneming de mogelijkheid om te opteren voor vrijwillige belastingplicht. Daar zijn uiteraard voorwaarden aan verbonden. Er zijn situaties denkbaar waarin het raadzaam is om vrijwillig te kiezen voor belastingplicht en de komende jaren een aangifte te blijven verzorgen.

Wanneer bijvoorbeeld over de jaren sterk wisselende fiscale resultaten worden verwacht, is wellicht in 2012 niet langer maar in 2013 weer wél sprake van belastingplicht. Om dan terugkerende fiscale discussies rond de openings- en slotbalansen voor uw organisatie te voorkomen, is opteren voor belastingplicht mogelijk raadzaam. Ook de aanwezigheid van fiscale verliezen die met toekomstige winsten verrekend kunnen worden, vormt een reden om tijdig te opteren voor vrijwillige belastingplicht. Doet u dat namelijk niet, dan verdampen in zo’n geval de verliezen en gaan ze permanent verloren. Toch jammer als u juist in 2013 voor het eerst in jaren weer een behoorlijke fiscale winst verwacht te realiseren. De Belastingdienst weet u dan te vinden en de oude verliezen blijven buiten beschouwing. Voor meer informatie over het vrijwillig opteren voor belastingplicht (bijvoorbeeld in een verliesjaar) zie hier.

Advies: neem actie in 2012

Het is voor brancheverenigingen en -organisaties relevant om te weten welke impact de wijzigingen in de fiscale wetgeving hebben. In optima forma is dit beeld al helder bij het indienen van de aangifte 2011. Praktisch ontstaat echter meestal nu pas een concreet zicht op de ontwikkeling van het belastbare resultaat in 2012.

Wij adviseren brancheorganisaties na te gaan hoe hun vennootschapsbelastingpositie met ingang van 2012 is. Desgewenst kunnen zij vrijwillig kiezen voor vennootschapsbelastingplicht. Deze keuze moet tijdig (uiterlijk 30 juni 2013) worden aangegeven bij de Belastingdienst. Eindigt uw belastingplicht per einde boekjaar 2011, dan moet wellicht een nieuwe aangifte worden ingediend met een fiscale slotbalans waarin de eindafrekening met de Belastingdienst plaatsvindt.

Onze dienstverlening

VERDER heeft veel ervaring met de fiscale regels voor brancheverenigingen en -stichtingen en de wijzigingen in de fiscale wetgeving per 1 januari 2012. Meer informatie over het belang van de fiscaliteit bij brancheorganisaties in het algemeen, vindt u hier. Graag lichten wij u onze ervaringen toe in een gesprek en verkennen we hoe de fiscale positie van uw organisatie optimaal wordt ingericht. Onze contactgegevens treft u hier aan.

VERDER gaat uiterst nauwkeurig te werk. Toch kunnen wij geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor door u op basis van de voorgaande informatie genomen acties. Neem hier kennis van onze disclaimer.

Jos van Bavel

Partner | Fiscalist

Binnen VERDER is Jos verantwoordelijk voor fiscale advisering. Jos is een fiscaal specialist met focus op grote en middelgrote Non-Profit organisaties en overheden.

Lees meer over Jos van Bavel >